Sjef Hautvast

Sjef Hautvast mag inmiddels een begrip genoemd worden in het Heerlerbaanse. Actief bij onder andere de Koninklijke Harmonie, de lokale politiek en de werkgroep rondom het boek ter ere van het honderdjarige bestaan van de Heerlerbaan… Ondergetekende had de naam Sjef Hautvast op elke hoek van de Heerlerbaan horen opduiken, nog voor een daadwerkelijke ontmoeting. Genoeg reden en nieuwsgierigheid voor een interview.

IMG_1488.JPG

De indruk hebbende dat Sjef genoeg te vertellen had, begon ik het interview met de mededeling ‘begin maar met vertellen, ik stel mijn vragen te zijner tijd.’ Sjef begint bij het begin. Hij is geboren in het ziekenhuis van Heerlen en opgegroeid op een boerderij gelegen waar nu de Peter Schunck-flats staan. ‘Bij de geboorte van mijn jongste zus waren wat complicaties, daarom vond de huisarts het verstandiger voor mijn moeder om in het ziekenhuis te bevallen. Maar bij mij waren geen complicaties, dus na drie dagen waren we weer terug op de boerderij.’ Duidelijk.

Jeugd- en jongerenwerk: Centrale Accommodatie Heerlerbaan

Ik merk op dat Sjef overal actief bij betrokken lijkt te zijn. Sjef: ‘Dat is inderdaad zo. Als ik ergens bij ben wil ik me ermee bemoeien en ik weet gewoon dat veel organisaties zitten te springen om mensen die willen bijdragen als vrijwilliger.’ Hij begon zijn actieve loopbaan als vrijwilliger bij de voormalige studentenvereniging RK SV Pythagoras Heerlerbaan, geboren uit een initiatief van studerenden aan de mulo tot en met de universiteit. Tevens werd hij lid van de harmonie – waarbij hij tot op heden ten dage betrokken is.

Na het doorlopen van het Bernardinuscollege ging Sjef rechten studeren in Nijmegen. Uiteraard was hij hier ook actief in onder meer het studentenorkest, dispuut Thor en de faculteitsvereniging. ‘Direct na mij afstuderen ging ik in militaire dienst; ik werd reserveofficier. Ik was toen al getrouwd en woonde in Welten. In 1972 verhuisden wij naar Heerlerbaan om in 1975 op de Molenberg te gaan wonen. In Heerlen ging ik de advocatuur in. Iedereen had zoiets van ‘hij is weer terug,’ en toen ben ik meteen gevraagd om me opnieuw bezig te houden met het jeugd- en jongerenwerk.’ De exclusieve studentenverenging Pythagoras – alleen voor jongens die op zijn minst naar de mulo gingen – was inmiddels overgegaan in een voor zowel jongens als meisjes toegankelijke club. Sjef: ‘De jeugdvereniging werd omgetoverd tot “Gilgamesh”, dat later door fusies werd opgenomen in de Stedelijke Stichting voor Jeugd- en Jongerenwerk. Toen begon ook de periode waarin men een eigen jeugdhonk wilde hebben, aanvankelijk was dit nog in de garage van een van de leden. Toen de club groter werd verplaatsten we naar een voormalige kleuterschool. Maar, dit was allemaal tijdelijk – want we wisten dat het binnen niet al te lange tijd zou worden afgebroken. We kregen het water, de stroom en de verwarming van de gemeente. Toen het moment van de sloop daar was, stonden we op straat. Toen hebben we de activiteiten van het jeugd- en jongerenwerk naar de cafés verplaatst. Toen is men begonnen met het idee en het lobbyen voor een fatsoenlijke huisvesting voor verenigingen van de Heerlerbaan.’ Dit werd de Centrale Accommodatie Heerlerbaan (bekend als de Caumerbron).

Aanvankelijk zat Sjef, uitzonderlijk genoeg, niet in het bestuur van het in 1974 opgeleverde buurtcentrum de Caumerbron. ‘Of ik dat niet wilde, of dat ik het druk had met andere dingen… Ik weet het niet meer. De kinderen waren klein, dus misschien had ik merkwaardig genoeg niet zo’n interesse, haha.’ Pas na een “schisma” in het bestuur over het activiteitenprogramma heeft Sjef plaatsgenomen in het bestuur. Dit heeft uiteindelijk een decennium geduurd: ‘Na tien jaar – dat is zo’n cyclus bij mij – moet ik ergens weg. Andere mensen moeten ook de kans krijgen om in besturen te zitten… Ik ben niet het type dat veertig jaar in het bestuur van een club blijft hangen. Zeker bij vrijwilligersorganisaties moet het om vernieuwing blijven gaan. Anders blijf je in dezelfde cirkel draaien en wordt de belangstelling steeds minder. En dat is ook de kracht van de harmonie, steeds nieuwe dingen blijven ontwikkelen.’

De harmonie: het binden van jongeren en de ontbintenis van de kerk

Het is natuurlijk geen verrassing – ook bij de harmonie van Heerlerbaan is Sjef bestuurlijk actief geweest. Sjef: ‘Daar ben ik pas heel laat bestuurlijk actief geworden, daar wilde ik me niet mee bemoeien – dat was enkel ontspanning en plezier. Dit totdat op een gegeven moment een voorzitter werd gezocht, omdat de voorzitter toentertijd opstapte. Toen heb ik gezegd dat ik wel tijdelijk interim-voorzitter wilde zijn.’ Sjef is uiteindelijk ruim tien jaar voorzitter geweest…

‘Ik ben er toch een beetje trots op dat het nu zo goed gaat met de harmonie. In de tien jaar van mijn voorzitterschap is de fusie tussen de harmonie St. Joseph Heerlerbaan en het harmonieorkest van Heerlen tot stand gekomen. Het is steeds een zoektocht naar de garantie van een soort continuïteit – om jonge mensen bij de muziek te blijven betrekken blijft een uitdaging. Ze erbij betrokken hóúden is misschien zelfs nog moeilijker.’

Sjef stelt dat leeftijd rond de veertien jaar kritiek is – de leeftijd van ‘pap/mam, doe normaal!’. Jongeren haken óf af óf ze blijven hun hele leven hangen. Daarnaast is een pijnpunt het oefenen, wie een muziekinstrument wilt bespelen moet regelmatig oefenen – hier heeft niet iedere jongere trek in. Sjef vat mooi samen: ‘Je kunt bij repetities wel een beetje zitten tutten achterin, maar dat houd je niet lang vol.’ De blaasmuziek vecht natuurlijk tegen een suffig imago. Met name jongeren zijn daar gevoelig voor. Hiervoor zijn bij de Koninklijke Harmonie toch een aantal oplossingen verzonnen. Bijvoorbeeld, het uniform hoeft niet altijd meer aan. Sjef: ‘We trekken dat stomme pak niet meer aan als we concerten geven. We hebben gekleurde hemden, als we een heel chique concert hebben trekken we iets zwarts aan. Een enkele keer, als we de straat opgaan, dan trekken we natuurlijk het uniform aan. Maar verder, nee. Het is ongemakkelijk en daarbij veel te warm.’

Toch is niet alle verandering even vanzelfsprekend bij de harmonie. ‘De oprichting van de harmonie kwam vanuit de kerk. In de tijd van het “Rijke Roomse Leven” was het de opvatting dat muziek hoorde bij de kerk.’ Statutair gezien is elke band met religie al lange tijd doorbroken, maar helemaal bandeloos van de kerk is de harmonie niet. Sjef: ‘Eerste Kerstdag spelen tijdens de mis op Heerlerbaan stond ook dit jaar weer in het jaarprogramma. Ik heb al vaker gezegd ‘laat dat toch.’ Twintig jaar geleden zat de kerk tijdens kerst vol, nu zit er nog maximaal tachtig man en het wordt steeds minder […] Ik heb er natuurlijk ook eigen belang bij, want dat is een van de weinige keren in het jaar dat de kinderen en partners hier tegelijkertijd zijn – en dan zit pa in de mis te spelen, haha! […] Ik ben het ook niet eens met de vanzelfsprekendheid dat de harmonie bij de kindercommunie aanwezig moet zijn. Vroeger deed haast elk kind de communie, nu hebben haast nog maar tien gezinnen op Heerlerbaan feest.’

 Burgemeester

Sjef praat met zoveel enthousiasme over jongeren bij de harmonie en zijn vrijwilligerswerk bij het jeugd- en jongerenwerk op Heerlerbaan, dat een leek zich zou afvragen waarom hij geen agogische carrière heeft nagestreefd. ‘Nee, dat is nooit in mij opgekomen. Ik wilde altijd burgemeester worden.’ Dit is eigenlijk niet verrassend. Bovendien was hij van ’74 tot ’82 actief in de gemeenteraad namens de KVP (nu het CDA – red.).

‘Burgemeester, dat vind ik het prototype van een bestuursbaan.’ Maar waarom is Sjef geen burgemeester geworden? ‘Ik ging direct na mijn afstuderen in militaire dienst en toen werd ik voor het eerst in mijn leven geconfronteerd met iemand die zei ‘en nu ga je dit doen.’ Terwijl ik tot aan die tijd altijd had gedaan wat ik zelf wilde doen, en wat ik dacht dat goed was. Die autoriteit, daar had ik moeite mee.’ Daarbij kwam dat je “vroeger” niet zomaar kon solliciteren naar een baan als burgemeester, zoals tegenwoordig het geval is. ‘Je moest een verdomd goede cv hebben om als bestuurder in aanmerking te komen. Ook moest je goed liggen bij de commissaris van de koningin. Nee – uiteindelijk heb ik voor een “vrij” beroep gekozen, de advocatuur.’

 Molenberg vs. Heerlerbaan

Maar, wacht eens even… Ik merk het volgende op: ‘Als ik het goed heb begrepen woont u vanaf 1975 op de Molenberg. Dat is langer dan dat u ooit op Heerlerbaan heeft gewoond. Wat blijft er zo aantrekkelijk aan Heerlerbaan? U bent zo actief in die wijk.’

Sjef: ‘Dat heb ik mijzelf ook afgevraagd.’ Hij stelt dat het misschien te maken heeft met het vasthouden van de herinneringen aan de “oude” Heerlerbaan. ‘Ik heb de Heerlerbaan nog gekend als kleine gemeenschap, zonder die grote flats of die nieuwe wijken. Ik heb dat allemaal zien bouwen. Vroeger waren er veel grote groepen die onderling contact hadden. Er waren nog een stuk of zeventien boeren, die werkten ook veel samen. […] In de uitbreidingen die begonnen zijn in 1968 is Heerlerbaan van een woondorp naar een slaapgemeenschap gegaan.’

Maar toch: ‘Ik woon prima op de Molenberg: leuke buren, een leuke straat, niet al te ver van de stad, groen en… je bent zo op Heerlerbaan.’ […] Echt léven doe ik nog steeds op Heerlerbaan. Ik denk dat als ik hier (Molenberg – red.) bij de harmonie zou gaan dat het me niet zo zou bevallen, dat is toch die betrokkenheid bij mijn “eigen” club. Daarnaast zijn er nog veel verenigingen die zich, godzijdank, concentreren in de Caumerbron. Het programma bruist daar echt – de hele week door.’

‘Nu met 100 jaar Heerlerbaan ben ik ook erg betrokken. Ik hoop dat mensen enthousiast worden met betrekking tot het verenigingsleven.’ Nog het meest enthousiast vertelt Sjef over Jesus Christ Superstar (concertproductie tijdens Pasen in het kader van “Passie Heerlerbaan” ontstaan uit de samenwerking van diverse koren en de harmonie van Heerlerbaan – red.). ‘We hebben repetitie gehad met iedereen die meedoet aan Jesus Christ Superstar, dat was geweldig! Heel knap hoor, dat wij dat kunnen!’ Sjef hoopt dat de onderlinge samenwerking tussen verschillende verenigingen een vervolg krijgt in de toekomst: ‘We treden weleens samen op, maar dan doet iedereen zijn eigen ding. Nooit een productie samen. Als het goed lukt, weet ik zeker dat het een vervolg krijgt.’

‘Voor de vorige repetitie hebben mijn vrouw (lid van één van de deelnemende koren – red.) en ik samen op YouTube naar Jesus Christ Superstar zitten kijken met partituur.’ Een treffend beeld – en hopelijk allegorisch voor de toekomst van de Heerlerbaan – om dit interview mee af te sluiten.

Tekst en foto: Hanna Zwart

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s